Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014
Onder 4. Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:187.
Ten aanzien van de aan [eiser] verweten onttrekkingen aan het vermogen van de moeder kwam de rechtbank in rov. 3.24 t/m 3.37 van haar tussenvonnis, na een aantal omstandigheden te hebben weergegeven (waaronder deze dat de forensisch schriftexpert L.N. Kroon-Van der Kooij, verbonden aan KPMG NIFO, zeer stellig is in haar conclusie dat de handtekeningen onder de door haar in opdracht van de bewindvoerder onderzochte machtigingen zijn vervaardigd door [eiser]), tot het oordeel dat genoegzaam is aangetoond dat [eiser] in de periode voorafgaand aan de instelling van het bewind inderdaad gebruik heeft gemaakt van door hemzelf gefabriceerde handtekeningen en machtigingen van de moeder om ten behoeve van zichzelf geld op te nemen of over te boeken en dat daarbij geen sprake was van instemming of toestemming van de moeder. De rechtbank heeft het aanbod van [eiser] om tegenbewijs te leveren gepasseerd op de grond dat [eiser] zijn stelling terzake onvoldoende heeft onderbouwd en op de grond dat het bewijsaanbod bovendien niet ter zake dienend is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8, en de alinea staat in dat document op bytes 19461 tot 20526.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8 | shasum -a 256