Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014

Onder 9. Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:187.

Onderdeel 1 (dat onder nrs. 1 t/m 6 slechts een inleiding bevat) voert onder nr. 7 aan dat het cassatieberoep zich in de eerste plaats richt tegen de verwerping van de vordering in hoger beroep van [eiser]. In de nrs. 8 t/m 18 die kennelijk als uitwerking van deze klacht zijn bedoeld, is evenwel geen (voldoende gesubstantieerde) klacht te lezen, althans niet een klacht die voldoet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. Geklaagd wordt dat de redenering van het hof om tot het dictum te komen onbegrijpelijk is, doch daarbij wordt niet vermeld waarom ’s hofs oordeel onvoldoende is gemotiveerd dan wel onbegrijpelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8, en de alinea staat in dat document op bytes 27538 tot 28174.