Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014

Onder 16. Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:187.

Onderdeel 2 voert onder nr. 47 aan dat het hof niet is ingegaan op de grief met betrekking tot onvoorziene omstandigheden (artikel 6:258 BW). Het onderdeel doelt hier kennelijk op grief 3 waarin naar voren is gebracht ten aanzien van het beroep op onvoorziene omstandigheden: “De onvoorziene omstandigheid was dat [eiser] niet voorzag en niet behoefde te voorzien dat [verweerder] zou overgaan tot opeising van het bedrag van NLG 195.000,-- (en parate executie) voordat het moment van feitelijke verdeling aan zou breken, dat wil zeggen het tijdstip waarop [eiser] zou kunnen beschikken over financiële middelen uit de nalatenschap, waarmee hij de schuld zou kunnen voldoen.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a04eb5919526aad7b8b47258d2a8971d6c1cda89b2458bec885cb113861e0bd8, en de alinea staat in dat document op bytes 37178 tot 37872.