Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2014

Onder 41 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1879.

Meer voor de hand ligt dat het in het onderhavige geval gaat om contant geld dat bij verdachte was ingeleverd en dat op een later moment met een andere bankier onderling verrekend had moeten worden. Ook als verdachte wel over een vergunning had beschikt zou hij dit geldbedrag voorhanden hebben gehad. (…)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ead8be3ed104646c1d68ea03336ee61a00d00fcf499d74e67c8c8c8973ca077b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ead8be3ed104646c1d68ea03336ee61a00d00fcf499d74e67c8c8c8973ca077b, en de alinea staat in dat document op bytes 44568 tot 44888.