Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1906.

‘Het gaat hier om een op het tijdstip van de erkenning gehuwde man. Hij kan slechts erkennen indien het gerecht in eerste aanleg heeft vastgesteld dat aannemelijk is dat tussen de man en de moeder een band bestaat of heeft bestaan die in voldoende mate met een huwelijk op één lijn valt te stellen of dat tussen de man en het kind een nauwe persoonlijke betrekking – waaronder verstaan wordt “family life” als bedoeld in artikel 8 EVRM – bestaat. Het huidige ongeclausuleerde erkenningsverbod voor de gehuwde man is door de Hoge Raad in strijd geacht met dit artikel 8 (HR 10 november 1989, NJ 1990, 450). Ook het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba heeft in een bepaald geval toegestaan dat een gehuwde man kinderen erkende (HvJNAA 23 augustus 1996, H. 171/94, vonnis 1995/296, SJD 1994/299). De gehuwde man – gescheiden van tafel en bed – woonde in dit geval dertig jaar samen met een andere vrouw, bij wie hij kinderen had verwekt; deze kinderen werden door hem vlak voor zijn overlijden erkend’.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00, en de alinea staat in dat document op bytes 15863 tot 16993.