Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014
Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1906.
Zoals ik in nr. 2.4 en 2.5 heb aangegeven, was de erkenning van [verweerster] door de man op grond van het destijds geldende art. 330 BWNA nietig, maar werd ter gelegenheid van de invoering van Boek 1 BWNA met ingang van 15 januari 2001 deze regel geschrapt en vervangen door art. 1:204, lid 1 aanhef en onder e, BWNA. In een afzonderlijke bepaling van overgangsrecht is niet voorzien. Wel gelden de bepalingen van overgangsrecht, zoals opgenomen in de Landsverordening ‘regelende het overgangsrecht ter gelegenheid van de invoering van de boeken 1, 3, 5, 6, 7 en 8 van het Burgerlijk Wetboek’ (hierna: Landsverordening overgangsrecht BW). Titel 1 van deze Landsverordening bevat algemene bepalingen (art. 1-15). Art. 1 Landsverordening overgangsrecht BW luidt als volgt:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00, en de alinea staat in dat document op bytes 27986 tot 28838.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00 | shasum -a 256