Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014

Onder 2.18 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1906.

Uit het voorgaande volgt dat naar mijn mening het hof op goede gronden heeft aangenomen dat de nietige erkenning kon worden bekrachtigd door overeenkomstige toepassing van art. 3:58 BWC doordat naderhand het beletsel voor een geldige erkenning is vervallen. Het oordeel van het hof getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is evenmin onvoldoende (begrijpelijk) gemotiveerd. Het eerste onderdeel faalt mitsdien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fddff4f7f4ce18dee16db0e7339794e737fd842f9df2f6d8e0425523e1aa1d00, en de alinea staat in dat document op bytes 31263 tot 31696.