Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2014
Onder 3.4. Parket bij de Hoge Raad 2 september 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1921.
27. Voorts dient te worden onderstreept dat de strafbare voorbereiding als bedoeld in art. 46 Sr een onvolkomen delictsvorm betreft. Zoals in mijn bespreking van het eerste middel al tot uiting kwam, spelen de voorbereidingsvoorwerpen of –middelen een belangrijke rol bij de vaststelling van de bestemming ten aanzien van het betreffende misdrijf. Deze moesten ingevolge art. 46 (oud) Sr kennelijk bestemd zijn, en moeten naar de huidige wettekst bestemd zijn, tot het criminele doel. Die misdadige doelbestemming moet voor de gemiddelde rechtsgenoot (later ter verduidelijking gewijzigd in de subjectieve bestemming), gelet op de omstandigheden waaronder de middelen werden gebruikt en aangetroffen, in het oog springen, aldus minister van Justitie Hirsch Ballin in de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel dat heeft geleid tot de ‘Wet Wijziging van het Wetboek van Strafrecht inzake algemene strafbaarstelling van voorbereidingshandelingen’.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9de8da62b61f41621e4d7120f2a963304654f806c1f7b95da442d46c98fccc9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9de8da62b61f41621e4d7120f2a963304654f806c1f7b95da442d46c98fccc9, en de alinea staat in dat document op bytes 84788 tot 85821.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d9de8da62b61f41621e4d7120f2a963304654f806c1f7b95da442d46c98fccc9 | shasum -a 256