Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 oktober 2014
Alinea 189 Parket bij de Hoge Raad 14 oktober 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 oktober 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1968.
Het hof acht de verklaring van verdachte dat zij zich heeft vermomd om toegang tot de woning van [slachtoffer] te krijgen, uitsluitend om met haar te gaan praten niet geloofwaardig. Niet valt in te zien dat verdachte niet op een andere wijze dan als vermomde enquêtrice met [slachtoffer] in contact zou kunnen komen. Uit de omstandigheid dat verdachte heeft verklaard dat zij, na het feit, haar vuile spijkerbroek heeft uitgetrokken en een schone heeft aangetrokken, leidt het hof af dat verdachte het plan had zich om te kleden indien dat nodig zou blijken te zijn. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft verdachte bovendien expliciet verklaard dat zij wist dat zij een reservebroek bij zich had. Ook het feit dat verdachte twee scherpe uitbeenmessen in haar rugzak (als onderdeel van de vermomming) heeft meegenomen, past geenszins bij het zich voordoen als enquêtrice om toegang tot de woning te krijgen. Sterker nog, dat past veeleer bij het plan om desnoods met (bedreiging met) geweld toegang tot de woning te krijgen. Te meer nu verdachte, nadat zij de identiteit van het slachtoffer had vastgesteld, meteen de woning is binnengestapt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfc0b8b401280c55fba2bc1d37384f6f7d4d04988b3085326ad727e0e68cabcd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfc0b8b401280c55fba2bc1d37384f6f7d4d04988b3085326ad727e0e68cabcd, en de alinea staat in dat document op bytes 33704 tot 34863.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cfc0b8b401280c55fba2bc1d37384f6f7d4d04988b3085326ad727e0e68cabcd | shasum -a 256