Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014

Onder 1.3. Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:197.

Bij vonnis van 10 maart 2010 heeft de rechtbank overwogen dat met de vernietiging van het besluit op bezwaar door de bestuursrechter en de daarop gevolgde intrekking door de burgemeester van het primaire besluit van 21 februari 2007, de onrechtmatigheid van het besluit jegens eiser in beginsel gegeven is. Weliswaar gaat het om een besluit van de burgemeester en niet om een besluit van de Staat, maar de rechtbank was van oordeel dat in het kader van de Wet Bibob de positie van de Staat als adviseur en die van de burgemeester als bestuursorgaan dermate met elkaar zijn verstrengeld dat zowel op de Gemeente als op de Staat een (hoofdelijke) verplichting tot vergoeding van de schade berust. De rechtbank heeft slechts een bedrag van € 2.500,- met wettelijke rente toegewezen, ter vergoeding van immateriële schade. Voor het overige wees de rechtbank de vorderingen af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e, en de alinea staat in dat document op bytes 14921 tot 15874.