Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014
Onder 2.17. Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:197.
“(…) Aangenomen moet immers worden dat bij het bestaan van een op de wet gebaseerde forfaitaire regeling van de proceskosten, zoals die ingevolge de WARB, slechts in zeer bijzondere gevallen grond bestaat de partij die in een procedure in het ongelijk is gesteld, op grond van onrechtmatige daad te veroordelen tot vergoeding van de gehele schade die de wederpartij als gevolg van het voeren van die procedure heeft geleden (vgl. Parl. Gesch. Wijziging Rechtsvordering (Inv. 3, 5 en 6), p. 36). In andere gevallen brengen de wettelijke forfaitaire regelingen mee dat de vordering tot betaling van proceskosten, ook al zou zij op onrechtmatige daad zijn gebaseerd, slechts kan worden toegewezen tot het bedrag dat daartoe op de voet van de toepasselijke regeling door de rechter zou moeten worden bepaald. (…)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e, en de alinea staat in dat document op bytes 38174 tot 39005.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e | shasum -a 256