Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014

Onder 2.18. Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:197.

De wetsgeschiedenis bevat een aanwijzing waaruit kan worden afgeleid dat de begrenzing van de proceskostenvergoeding in het burgerlijk recht tot de geliquideerde proceskosten alleen is bedoeld voor gevallen waarin ten laste van de wederpartij in het geding een veroordeling in de kosten wordt uitgesproken. Art. 57 (oud) Rv bepaalde in het zesde lid: “Terzake van verrichtingen waarvoor de in dit en het vorige artikel bedoelde kosten een vergoeding plegen in te sluiten, zoals die ter voorbereiding van gedingstukken en ter instructie van de zaak, kan jegens de tegenpartij geen vergoeding op grond van artikel 96, tweede lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek worden toegekend, maar zijn alleen de regels betreffende proceskosten van toepassing.” De toelichting op deze bepaling vermeldde:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e20f20e736c4b52d91dded797bc49e049a2f43bc5dead17638f9f3c723a783e, en de alinea staat in dat document op bytes 39127 tot 39974.