Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014
Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2000.
In rov. 4.8 – en voorts in rov. 4.9 en 4.10 – overweegt het hof dat en waarom naar zijn oordeel aan de medische verklaringen geen doorslaggevende betekenis kan worden toegekend en dat hetzelfde heeft te gelden voor de verklaringen van de psychologe. Ik begrijp deze overwegingen van het hof – dat kennelijk deze door [eiseres] in het geding gebrachte verklaringen beschouwt als verklaringen van partijdeskundigen (niet door de rechter benoemde deskundigen) – aldus dat het hof in deze overwegingen een oordeel heeft uitgesproken over de vraag of deze verklaringen een voldoende onderbouwing vormen voor de stellingen van [eiseres] omtrent het vermogen van erflater om een uiterste wilsbeschikking te maken en aldus kunnen bijdragen aan het door [eiseres] te leveren bewijs van deze stellingen. Het gaat in deze overwegingen naar mijn oordeel dan ook (tevens) om bewijswaardering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c37957ed649b3cba9ab863628eb5fae943c77afe0833c90792935f0442bb611. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c37957ed649b3cba9ab863628eb5fae943c77afe0833c90792935f0442bb611, en de alinea staat in dat document op bytes 57140 tot 58042.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6c37957ed649b3cba9ab863628eb5fae943c77afe0833c90792935f0442bb611 | shasum -a 256