Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014

Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2000.

30. De overige klachten van de middelonderdelen 2, 3 en 4 behoeven thans geen behandeling meer. Dat geldt, als gezegd, in het bijzonder voor de in onderdeel 2 en 3 vervatte klachten over de bewijswaardering. Het geldt naar mijn oordeel ook voor de klachten over het passeren van het aanbod om huisarts [betrokkene 6], verpleeghuisarts [betrokkene 7] en drs. [betrokkene 8] te horen van wie reeds schriftelijke verklaringen in het geding zijn gebracht, die als ik het goed begrijp door [eiseres] worden beschouwd als verklaringen van deskundige getuigen. Het hof, dat (als gezegd) deze door [eiseres] in het geding gebrachte verklaringen kennelijk beschouwt als verklaringen van partijdeskundigen (niet door de rechter benoemde deskundigen) – heeft dat bewijsaanbod gepasseerd nadat het had beoordeeld of deze verklaringen kunnen bijdragen aan het door [eiseres] te leveren bewijs van haar stellingen. Aan bewijswaardering komt het hof evenwel pas toe nadat de betrokken notaris en anderen rechtstreeks bij het opmaken en passeren van de uiterste wilsbeschikking betrokken personen, onder wie de getuigen, zijn gehoord. Ik merk daarbij nog op dat het hof, zoals blijkt uit art. 200 Rv, een discretionaire bevoegdheid heeft om partijdeskundigen al dan niet te horen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c37957ed649b3cba9ab863628eb5fae943c77afe0833c90792935f0442bb611. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c37957ed649b3cba9ab863628eb5fae943c77afe0833c90792935f0442bb611, en de alinea staat in dat document op bytes 67005 tot 68284.