Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014

Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2002.

Bij brief van 27 januari 2000 heeft mr. Hardeman aan mr. Werners onder meer geschreven (productie A1 bij memorie van grieven): Uit de inhoud van Uw brieven van 17 december en 3 en 25 januari jl. maak ik op dat Uw client thans op korte termijn de boedelscheiding wenst te effectueren. Omdat de overeenkomsten van het voorjaar 1999 nog niet geheel zijn uitgevoerd, zend ik u bijgaand een conceptboedelscheidingsovereenkomst, waarin hetgeen nog over en weer uitgewisseld moet worden is neergelegd. Voorts wordt in de brief gewezen op een paar punten betreffende de boedelscheiding. Ten slotte staat vermeld: Indien, op basis van bijgaande overeenkomst, de genoemde goederen bij cliente komen, de verzekeringen zijn overgeschreven en afgegeven en Uw client daartegenover het geld zal hebben ontvangen, kan er een punt achter de boedelscheiding worden gezet. (…)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/661f35a3b13b73ede7f22d8933160bdcdbaeb6a431a3fbca57e2e7f3bc0ebbf2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 661f35a3b13b73ede7f22d8933160bdcdbaeb6a431a3fbca57e2e7f3bc0ebbf2, en de alinea staat in dat document op bytes 18179 tot 19121.