Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2014

Onder 8. Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:206.

In de toelichting op het middel wordt gesteld dat het hof de toegevoegde waarde van rechtspsychologisch deskundigenonderzoek “volkomen” heeft miskend door te overwegen dat het zichzelf zeer wel in staat acht tot de vorming van een oordeel omtrent de betrouwbaarheid van de verklaringen van de medeverdachte. De noodzaak van het deskundigenonderzoek is voldoende gebleken, aldus de steller van het middel. In de tweede plaats wordt betoogd dat het hof als maatstaf voor de beoordeling van dit verzoek niet het noodzakelijkheidscriterium maar het verdedigingsbelang had moeten hanteren, omdat het verzoek reeds bij appelschriftuur was gedaan. Zo niet, dan had toch in elk geval bij de beoordeling van het verzoek het noodzakelijkheidscriterium ruim moeten worden toegepast, waardoor de concrete toepassing daarvan niet wezenlijk zou verschillen van wat met toepassing van het criterium van het verdedigingsbelang zou worden bereikt, aldus de steller van het middel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77832ae1ed7a760a90775eee02ce4ace3925eaa2450691abe58265a5f4e4ba40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77832ae1ed7a760a90775eee02ce4ace3925eaa2450691abe58265a5f4e4ba40, en de alinea staat in dat document op bytes 11138 tot 12119.