Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2014
Onder 13. Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:211.
“Voorts hecht de politierechter bijzondere waarde aan het feit dat een getuige (dit moet getuige [betrokkene 2] wel zijn) verklaarde dat de jongens die door de politie zijn aangehouden voor de telaste gelegde feiten " zeker de jongens waren die de auto-inbraken hadden gepleegd." Van de politie begreep [betrokkene 2] "dat ook de andere jongens die op de galerij waren gepakt waren." Daaruit leidt hij af "dat die er allemaal bij hoorden." Oftewel, hij heeft niet gezien of alle aangehouden verdachten daadwerkelijk degenen waren die aan de auto's hebben staan rommelen. Er is geen foslo geweest, niet eens een enkelvoudige spiegelconfrontatie, dus we komen er ook nooit meer achter of de aangehouden verdachten dezelfden zijn als degenen die [betrokkene 2] zag rommelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/acda5639b1216232e632f4dfffd4a84a66ca625cf2aa8de262b5c800caec23a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt acda5639b1216232e632f4dfffd4a84a66ca625cf2aa8de262b5c800caec23a2, en de alinea staat in dat document op bytes 25945 tot 26822.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/acda5639b1216232e632f4dfffd4a84a66ca625cf2aa8de262b5c800caec23a2 | shasum -a 256