Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2129.
9. Uit het door de griffie van de Hoge Raad opgevraagde detentieoverzicht betreffende de verdachte blijkt echter, voor zover voor de onderhavige zaak van belang, dat de verdachte ten tijde van de terechtzitting in hoger beroep van 5 november 2013 op vrije voeten was. De vermelding in het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 5 november 2013 (en in het arrest) dat de verdachte op dat moment uit anderen hoofde verblijvende was in de P.I. Lelystad, berust dan ook op een kennelijke vergissing. Nu de oproeping voor de zitting van 5 november 2013 aan de verdachte in persoon is betekend en er geen duidelijke aanwijzingen bestaan voor het tegendeel, mocht worden uitgegaan van het vermoeden dat de verdachte vrijwillig afstand had gedaan van zijn recht bij bedoelde terechtzitting aanwezig te zijn. Het hof was dan ook niet gehouden het onderzoek ter terechtzitting te schorsen. Tot een nadere motivering was het hof evenmin gehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9107caec2fffcefb128a08f8ad04c4407191168e37062472dec2b3ca986a9b2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9107caec2fffcefb128a08f8ad04c4407191168e37062472dec2b3ca986a9b2d, en de alinea staat in dat document op bytes 10635 tot 11601.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9107caec2fffcefb128a08f8ad04c4407191168e37062472dec2b3ca986a9b2d | shasum -a 256