Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2129.

22. Daarmee rijst de vraag waarin de omstandigheden in de Marktplaats-zaak zich onderscheiden van de eerdergenoemde jurisprudentie. Borgers benadrukt in dit verband dat het in de Marktplaats-zaak gaat om een koopovereenkomst waaruit voor de verkoper een leveringsplicht voortvloeit, terwijl de verkoper niet wordt verplicht de koopsom op een bepaalde wijze te besteden. Dat is in eerdere zaken anders geweest, zoals in de hiervoor genoemde zaken waarin bedragen ten behoeve van plastische chirurgie en de reparatie van een auto aan de orde waren. In de Marktplaats-zaak is sprake van een (wederkerige) overeenkomst, waarbij de verkoper het geld heeft ontvangen en het gekochte goed niet heeft geleverd en aldus wanprestatie heeft gepleegd. Die enkele omstandigheid levert nog geen verduistering op. In de andere zaken is de context anders. Zo was de verdachte in de zaak waarin dollarobligaties werden geleverd een tussenpersoon, terwijl in het geval van het ten onrechte door de Belastingdienst gestorte bedrag sprake was van een onmiskenbare vergissing.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9107caec2fffcefb128a08f8ad04c4407191168e37062472dec2b3ca986a9b2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9107caec2fffcefb128a08f8ad04c4407191168e37062472dec2b3ca986a9b2d, en de alinea staat in dat document op bytes 26790 tot 27923.