Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2014
Onder 3.8.2 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:217.
Anders dan het Hof meent, komt m.i. geen (zelfstandige) betekenis toe aan het vervroegen van de levering. Het is van tweeën één: ofwel (het meewerken aan) de levering is onrechtmatig jegens [verweerder] of dat is niet het geval. In het eerste geval legt de omstandigheid dat de levering is vervroegd geen zelfstandig gewicht in de schaal. In het laatste geval kan het de niet-onrechtmatige gedraging niet alsnog wél onrechtmatig maken. Niet valt immers in te zien waarom een op zich toelaatbaar meewerken aan transport, niettegenstaande de wetenschap van benadeling van een derde, niet zou mogen wanneer het transport zou worden vervroegd. ’s Hofs opvatting zou ertoe leiden dat Joba in eigen voet had moeten schieten: zij had [verweerder] de gelegenheid moeten bieden om maatregelen te nemen om een toelaatbare gedraging te verijdelen. Dat kan moeilijk waar zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e3e2f061146128d3e306a2df3ad020034e63f9db6f880a5ca53a5924c0bd415. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e3e2f061146128d3e306a2df3ad020034e63f9db6f880a5ca53a5924c0bd415, en de alinea staat in dat document op bytes 25520 tot 26438.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e3e2f061146128d3e306a2df3ad020034e63f9db6f880a5ca53a5924c0bd415 | shasum -a 256