Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 december 2014

Onder 3.25 Parket bij de Hoge Raad 5 december 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 december 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2276.

Rov. 3.4.4 geeft mij sterk de indruk dat het hof niet het vizier precies gericht had op de [A/B]-uitzondering (welk arrest toen al wel gewezen was), maar dat leidt er niet toe dat de klachten van Ajax tegen de overwegingen van het hof die volgens mij zien op de nabootsing van de huisstijl van Ajax zouden moeten slagen. De maatstaf uit genoemd arrest is juist strenger dan die door het hof is gehanteerd. Het punt waar de beoordeling op hangt, is de vraag of de mededelingen op het neklabel en het prijskaartje (in combinatie met de plaats en het moment van verkoop) bijkomende omstandigheden zijn waar uw Raad in [A/B] naar verwijst en die mogelijk onrechtmatigheid opleveren. Ik ben, anders dan het hof, zelf geneigd vrij zwaar aan die omstandigheden te tillen, maar het is als gezegd een feitelijk oordeel dat in cassatie niet op juistheid getoetst kan worden en onbegrijpelijk is het ook weer niet, het is een andere feitelijke afweging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc9a445be0c13b8fcfa66ac1975bf74bbef13877d013d71c15631bfe70684dc0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc9a445be0c13b8fcfa66ac1975bf74bbef13877d013d71c15631bfe70684dc0, en de alinea staat in dat document op bytes 73214 tot 74170.