Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2014

Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:228.

De Rechtbank heeft geoordeeld dat toen de voorlopige aanslag werd verminderd (22 augustus 2009) een verplichting voor de Inspecteur ontstond tot vergoeding van heffingsrente. De Rechtbank heeft zich daarvoor gebaseerd op het genoemde arrest HR BNB 2012/69; u overwoog daarin dat het de Inspecteur weliswaar vrijstaat een voorlopige aanslag ambtshalve te verminderen in plaats van een nieuwe voorlopige aanslag op te leggen, maar dat hij op grond van het evenredigheidsbeginsel dan wel het rentenadeel in vergelijking met een nieuwe voorlopige aanslag moet compenseren. Nu de Inspecteur pas op 21 december 2011 aan deze verplichting heeft voldaan, is hij in de periode (zes weken na) 22 augustus 2009 tot 21 december 2011 in verzuim geweest in de zin van art. 4:97 Awb. Alsdan is de Inspecteur op grond van de artikelen 4:87, 4:98 en 4:100 Awb wettelijke rente verschuldigd vanaf 6 weken na 22 augustus 2009 (vanaf 4 oktober 2009) tot de dag van feitelijke betaling van de heffingsrente (21 december 2011).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de3b70e7d59cd61a7d01323150456b64c6993db4e68441f69f70e7b5cbfc9c2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de3b70e7d59cd61a7d01323150456b64c6993db4e68441f69f70e7b5cbfc9c2a, en de alinea staat in dat document op bytes 23431 tot 24451.