Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2014
Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:236.
13. De stelling van eiseres dat zij mocht menen dat de primitieve aanslagen zorgvuldig en bewust zijn vastgesteld, vat de rechtbank zo op dat eiseres van mening is dat, zo al sprake is van een fout, haar dit redelijkerwijs niet kenbaar kon zijn. Uit de in 10 aangehaalde wettelijke bepaling volgt dat die kenbaarheid in elk geval aanwezig wordt geacht als de nagevorderde belasting minimaal dertig procent is van de wettelijk verschuldigde belasting. Dat in dit geval aan deze eis is voldaan, is tussen partijen niet in geschil.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be4218796e60c26afe2eea21b6db4ef0eed5d91613c42e41a60c7b4bcecb36b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be4218796e60c26afe2eea21b6db4ef0eed5d91613c42e41a60c7b4bcecb36b5, en de alinea staat in dat document op bytes 85082 tot 85623.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/be4218796e60c26afe2eea21b6db4ef0eed5d91613c42e41a60c7b4bcecb36b5 | shasum -a 256