Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2014

Alinea 146 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2702.

a) de verdachte moet zich gedurende enige tijd hebben kunnen beraden op het te nemen of het genomen besluit en niet hebben gehandeld in een opwelling. Dat betekent dat hij de kans moet hebben gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven. Daarbij geldt dat de enkele omstandigheid dat niet is komen vast te staan dat is gehandeld in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling, niet toereikend is om daaraan de gevolgtrekking te verbinden dat sprake is van voorbedachte raad;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82c2fa3ac2695a6f57ff326489445862994e2d6ec2f0638afe080e11d6db1a9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82c2fa3ac2695a6f57ff326489445862994e2d6ec2f0638afe080e11d6db1a9f, en de alinea staat in dat document op bytes 60717 tot 61330.