Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2014
Alinea 92 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2702.
Verdachte verklaart wisselend over het tijdstip waarop inbrekers in de woning zouden zijn Toen verdachte op 20 oktober 2011 om 04.04 uur met 112 belde, zei ze eerst tegen de meldkamer in Driebergen het volgende: “... ze zijn bij mij, bij ons, in huis” en vervolgens zei ze tegen de meldkamer in Nijmegen: “ze zijn bij ons in huis”. Toen de politie ter plaatse was zei ze echter dat ze ongeveer een half uur daarvoor iemand op de trap had gehoord. Dit, terwijl het gesprek met de meldkamer van 112 slechts 4 minuten en 37 seconden heeft geduurd en de politie nog voor het einde van dat gesprek ter plaatse was. Nog diezelfde dag heeft ze verklaard dat ze gestommel op de trap hoorde, vervolgens een schreeuw of kreet en dat ze toen haar mobiel heeft gepakt en 112 heeft gebeld. Op 11 november 2011 verklaarde verdachte dat ze minuten op het bed heeft gezeten voordat ze ging bellen. Dit kan ook een half uur zijn geweest of een kwartier.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82c2fa3ac2695a6f57ff326489445862994e2d6ec2f0638afe080e11d6db1a9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82c2fa3ac2695a6f57ff326489445862994e2d6ec2f0638afe080e11d6db1a9f, en de alinea staat in dat document op bytes 34482 tot 35439.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/82c2fa3ac2695a6f57ff326489445862994e2d6ec2f0638afe080e11d6db1a9f | shasum -a 256