Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 december 2014

Onder 6.5 Parket bij de Hoge Raad 19 december 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 december 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2728.

Aan een op ambtseed opgemaakt P-V wordt in het Wetboek van Strafvordering in art. 344, lid 2, bijzondere bewijskracht toegekend. De strafrechter kan namelijk op basis van het P-V van een opsporingsambtenaar het ten laste gelegde feit aannemen. Dit is anders in het fiscale recht waar de vrije bewijsleer geldt. De waardering van de bewijsmiddelen geschiedt door de rechter en daarbij hebben niet bepaalde bewijsmiddelen – zoals bijvoorbeeld een ambtsedige verklaring – meer waarde dan andere.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3dee8bfcc9e25b9bc28b784114a4ec9f09296e7ba0a534d40e9085faf4ef1c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3dee8bfcc9e25b9bc28b784114a4ec9f09296e7ba0a534d40e9085faf4ef1c5, en de alinea staat in dat document op bytes 160480 tot 161117.