Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 december 2014
Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 9 december 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 december 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2838.
13. Op grond van het voorgaande meen ik dat het bestreden oordeel van het Hof - zoals hierboven onder 7 aangehaald - geen blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting, terwijl dit oordeel ook zonder nadere motivering niet onbegrijpelijk is. Daarbij wijs ik erop dat in de bedoelde jaarrekeningen zonder enige nadere toelichting enkel cijfers zijn vermeld die, naar uit boekenonderzoek van medewerkers van de Belastingdienst/Oost te Enschede bleek, afweken van de in eerdere periodieke aangiften omzetbelasting opgenomen cijfers. Voorts heb ik in aanmerking genomen dat naar het Hof feitelijk heeft vastgesteld verzoeker aan de bewezenverklaarde verboden gedragingen feitelijk leiding heeft gegeven en dat deze vaststelling in het middel noch in de toelichting daarop wordt bestreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aba5282d052dd29e1a15062f8d877e9d3f4aad9353267c632a0d92126ff69ff0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aba5282d052dd29e1a15062f8d877e9d3f4aad9353267c632a0d92126ff69ff0, en de alinea staat in dat document op bytes 22193 tot 22990.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aba5282d052dd29e1a15062f8d877e9d3f4aad9353267c632a0d92126ff69ff0 | shasum -a 256