Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 december 2014
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 9 december 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 december 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2869.
20. Onder het hoofdje “Toepasselijke wettelijke voorschriften” heeft het Hof in dit verband zowel art. 36c Sr als art. 36d Sr aangehaald. Kennelijk heeft het Hof daarbij onderscheid gemaakt tussen voorwerpen die gerelateerd kunnen worden aan de reeds begane feiten (art. 36c Sr), dat wil zeggen de bewezenverklaarde incidenten, en de voorwerpen die kunnen dienen tot het begaan van of de voorbereiding van soortgelijke feiten (art. 36d Sr).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b97bb34ef5fd59503d3d1ab4fdbc1da5abe59bc4238a9a4f6032e00a0260904. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b97bb34ef5fd59503d3d1ab4fdbc1da5abe59bc4238a9a4f6032e00a0260904, en de alinea staat in dat document op bytes 35655 tot 36113.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b97bb34ef5fd59503d3d1ab4fdbc1da5abe59bc4238a9a4f6032e00a0260904 | shasum -a 256