Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014
Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:3085.
15. Gelet op de meer ingrijpende aard van hoofdelijke aansprakelijkheid ten opzichte van pondspondsgewijze verdeling, spreekt deze voorgestelde volgorde in het rechterlijk beslissingsschema mij op zichzelf aan. Hoewel bij een pondspondsgewijze verdeling ook de mogelijkheid bestaat dat de betrokkene voor een hoger bedrag wordt ‘aangeslagen’ dan hij daadwerkelijk aan voordeel heeft genoten, zal die situatie zich bij hoofdelijke aansprakelijkheid tot het volledige bedrag aan voordeel in de regel voordoen. Bij een pondspondsgewijze verdeling gaat de rechter, bij gebrek aan andere aanknopingspunten, als het ware uit van de hypothese dat het voordeel aan de daders in gelijke delen is toegekomen, terwijl bij hoofdelijke aansprakelijkheid ook die hypothese wordt losgelaten en de verdere verdeling wordt overgelaten aan de daders zelf. Hierbij wijs ik er nog op dat de realiteitszin van de in de Kamerstukken aangereikte mogelijkheid van civielrechtelijk regres van de betrokkene op de mededaders in de literatuur in twijfel is getrokken. Daarbij is ook gewezen op het risico van onrechtmatige, mogelijk gewelddadige vormen van ‘regres’.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d877e2283ba74718793fbc05e39a248c0d70c257961f9b3f638e01dbafbed0d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d877e2283ba74718793fbc05e39a248c0d70c257961f9b3f638e01dbafbed0d6, en de alinea staat in dat document op bytes 43311 tot 44600.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d877e2283ba74718793fbc05e39a248c0d70c257961f9b3f638e01dbafbed0d6 | shasum -a 256