Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2014
Onder 5.5 Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:327.
In het voornoemde eerste arrest van 10 januari 2014 heeft de Hoge Raad het kenbaarheid-vereiste verduidelijkt. Daartoe is in r.o. 3.3.2 van dat arrest onder meer overwogen dat het begrip ‘redelijkerwijs kenbaar’ is op te vatten als ‘dat het voor een belastingplichtige onmiddellijk duidelijk had moeten zijn dat de aanslag onjuist is’. Oftewel, zoals in de in r.o. 3.3.1 aangehaalde wetsgeschiedenis: ‘De belastingplichtige moet als het ware in één oogopslag (hebben) kunnen zien dat de belastingaanslag (…) niet juist is.’
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0136cecce271e535cb8578c7068ba3b489ac84c08fcf3ca5e91f0ff7b2b6a815. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0136cecce271e535cb8578c7068ba3b489ac84c08fcf3ca5e91f0ff7b2b6a815, en de alinea staat in dat document op bytes 99323 tot 99876.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0136cecce271e535cb8578c7068ba3b489ac84c08fcf3ca5e91f0ff7b2b6a815 | shasum -a 256