Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2014
Onder 7.3. Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:336.
Het Hof bedoelt met zijn overweging “dat verdachte bij de omstandigheid dat een dergelijke gewelddadige overval voor het slachtoffer een bijzondere traumatische ervaring moet zijn geweest, kennelijk in het geheel niet heeft stilgestaan en dat hij zijn financieel gewin heeft laten prevaleren boven de gevolgen voor het slachtoffer” kennelijk dat de verdachte zich door de consequenties van zijn daden voor het slachtoffer niet heeft laten weerhouden om het feit te plegen. Zo gelezen is er geen tegenstrijdigheid in ’s Hofs overwegingen, waardoor het middel feitelijke grondslag mist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/94faac65f1f84274d0b2d1738a2686424325aac760b7ec6272b7ed7a65485c97. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 94faac65f1f84274d0b2d1738a2686424325aac760b7ec6272b7ed7a65485c97, en de alinea staat in dat document op bytes 58814 tot 59417.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/94faac65f1f84274d0b2d1738a2686424325aac760b7ec6272b7ed7a65485c97 | shasum -a 256