Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 april 2014
Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 25 april 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 april 2014, ECLI:NL:PHR:2014:345.
Bij verlenging van de verjaringstermijn op grond van het huidige (en onmiddellijk werkende) art. 3:320 BW bij of binnen één jaar na de inwerkingtreding van het nieuw BW, geldt op grond van art. 121 Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek een van art. 73 van die wet afwijkend overgangsregime. Voor gevallen waarin het oude recht - de art. 2023-2029 BW (oud) - geen schorsing van de verjaring kende, maar het nieuwe recht wel in verlenging van de verjaringstermijn voorziet, zijn volgens dat overgangsregime tevens de nieuwe bepalingen over aanvang en duur van de verjaring terstond van toepassing (geen uitgestelde werking). Voor gevallen waarin het oude recht - de art. 2023-2029 BW (oud) - schorsing van de verjaring kende en het nieuwe recht in verlenging van de verjaringstermijn voorziet, verdringt het nieuwe recht het oude recht (geen uitgestelde werking). Voor gevallen waarin de art. 2023-2029 BW (oud) wel schorsing kende, maar het nieuwe recht niet in verlenging van de verjaringstermijn voorziet, blijven de art. 2023-2029 BW (oud), evenals de oude bepalingen over aanvang en duur van de verjaring, gedurende één jaar van toepassing op gevallen waarin zij tot 1 januari 1992 toepasselijk waren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f79c077d7d83e42fa9e6afda3e7743aca6f09c1460d32f147c623c7a35b3eb5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f79c077d7d83e42fa9e6afda3e7743aca6f09c1460d32f147c623c7a35b3eb5d, en de alinea staat in dat document op bytes 30011 tot 31232.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f79c077d7d83e42fa9e6afda3e7743aca6f09c1460d32f147c623c7a35b3eb5d | shasum -a 256