Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 april 2014

Onder 4.2 Parket bij de Hoge Raad 25 april 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 april 2014, ECLI:NL:PHR:2014:346.

In het arrest van 9 februari 2000 oordeelde Uw Raad (rov. 4.2.3) dat voor een zelfstandige beoordeling door de onteigeningsrechter van de noodzaak tot onteigening naar het tijdstip van zijn uitspraak slechts plaats is indien hetgeen de gedaagde aanvoert, zo dat juist wordt bevonden, meebrengt dat de onteigening op grond van na (de goedkeuring van) het onteigeningsbesluit gewijzigde of aan het licht gekomen omstandigheden aan de zijde van de onteigenende partij in strijd is met het recht omdat de onteigening niet (meer) geschiedt ten behoeve van het doel waarvoor volgens het onteigeningsbesluit onteigend wordt of omdat ten gevolge van gewijzigde inzichten met betrekking tot de uitvoering van een bestemmingsplan of enig ander aan de onteigening ten grondslag liggend besluit of plan niet (meer) kan worden gezegd dat de onteigening geschiedt ter uitvoering van dat plan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2854a5fa6baa3d07fa90cf8df77a0ded2ab7ca7812527b8c72aa5a1840b79588. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2854a5fa6baa3d07fa90cf8df77a0ded2ab7ca7812527b8c72aa5a1840b79588, en de alinea staat in dat document op bytes 51149 tot 52104.