Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014
Onder 2.26 Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:368.
Daarna heeft [eiser] bij ‘antwoordakte na interlocutoir tevens houdende wijziging en vermeerdering van eis’ (onder 16) echter uitdrukkelijk gesteld dat hij reeds in de eerdere procedure bij conclusie van 21 juli 2004 (overgelegd als prod. 16 bij akte van 15 februari 2012) aanspraak heeft gemaakt op ook vergoeding van wettelijke rente over de woonvergoeding, dat [betrokkene 1] daarop bij conclusie van 1 september 2004 is ingegaan en dat de rechtbank in rov. 5.2 van haar eindvonnis van 9 maart 2005 heeft overwogen dat [betrokkene 1] de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2002 moet inbrengen. Hij heeft daarbij geen melding gemaakt van het in de conclusie van 21 juli 2004 eveneens gevorderde voorschot. Lezing van de conclusie van 21 juli 2004 leert dat daarin, in antwoord op de uitnodiging van de rechtbank om uitsluitsel te geven omtrent de hoogte van de gebruiksvergoeding , uitdrukkelijk aanspraak wordt gemaakt op wettelijke rente over de woonvergoeding (conclusie, onder 6 en 8 ). Deze passage staat los van die omtrent het eveneens in die conclusie gevorderde voorschot (conclusie, onder 9 ).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a735f4ce32f5aad48c34a4ebf103efbc7a5a17efbf0430f01de3560e19530540. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a735f4ce32f5aad48c34a4ebf103efbc7a5a17efbf0430f01de3560e19530540, en de alinea staat in dat document op bytes 64689 tot 66035.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a735f4ce32f5aad48c34a4ebf103efbc7a5a17efbf0430f01de3560e19530540 | shasum -a 256