Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Onder 3.9 Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:368.

Het hof is van oordeel dat geen sprake is van een kennelijke fout, noch van een verzuim dat noodzaakt tot aanvulling van het arrest. Weliswaar heeft partij [eiser] bij het pleidooi een akte houdende voorwaardelijke vermeerdering van eis doen nemen, waarin wettelijke rente wordt gevorderd vanaf het openvallen van de nalatenschap tot aan de dag van inbreng over het door [betrokkene 1] in de nalatenschap in te brengen saldo, maar die vordering is door het hof afgewezen op de gronden vermeld in rechtsoverweging 2.4 van het arrest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a735f4ce32f5aad48c34a4ebf103efbc7a5a17efbf0430f01de3560e19530540. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a735f4ce32f5aad48c34a4ebf103efbc7a5a17efbf0430f01de3560e19530540, en de alinea staat in dat document op bytes 23098 tot 23707.