Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Onder 3.8. Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:369.

Het begrip ‘bewerkstelligen’ is iets anders dan het in art. 1 Verdrag tegen foltering gebruikte begrip “instemming of gedogen van een overheidsfunctionaris of andere persoon die in een officiële hoedanigheid handelt”. Instemming of gedogen veronderstelt enige vorm van gezag over degene die de foltering uitvoert: een bevoegdheid om te beslissen of het folteren al dan niet plaatsvindt, althans om te beslissen dat een aangevangen foltering wordt beëindigd. In dit geding is niet gesteld dat van een gezagsrelatie tussen de betrokken functionarissen van de V.S. en de Pakistaanse autoriteiten sprake is geweest. Om te kunnen spreken van ‘uitlokken of bewerkstelligen’ is ook niet toereikend dat enkel een condicio sine qua non -verband bestaat tussen de gedraging en de foltering (bijvoorbeeld in deze zin, dat als de V.S. niet aan Pakistan om de aanhouding van de opgeëiste persoon hadden gevraagd, de aandacht van de I.S.I. niet op hem zou zijn gevestigd en hij niet gefolterd zou zijn). In zoverre heeft de Staat gelijk met zijn standpunt dat een louter passieve betrokkenheid van de V.S. bij de foltering niet volstaat. De te beantwoorden vraag is m.i. veeleer: of de door de Hoge Raad vereiste mate van betrokkenheid (‘uitlokken of bewerkstelligen’) ook vormen van medeplichtigheid omvat. Het Verdrag tegen foltering wijst in de richting van een positief antwoord op deze vraag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742, en de alinea staat in dat document op bytes 64664 tot 66113.