Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014
Onder 3.21. Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:369.
De eerste klacht gaat niet op omdat het overwogene in rov. 3.5, dat deze twee omstandigheden onvoldoende zijn om daarop het oordeel te baseren dat functionarissen van de V.S. de foltering hebben ‘uitgelokt’ of ‘bewerkstelligd’, niet onverenigbaar is met het oordeel dat zij − in samenhang met de overige in rov. 3.7 genoemde feiten en omstandigheden − wél de gevolgtrekking (onder v) kunnen dragen dat op de Staat een onderzoeksplicht rust en dat, indien uit dat onderzoek komt vast te staan dat functionarissen van de V.S. aan de Pakistaanse autoriteiten om zijn aanhouding hebben verzocht terwijl zij wisten of moesten weten dat de foltering het vrijwel onvermijdelijke gevolg van die aanhouding zou zijn, zij de foltering hebben bewerkstelligd .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742, en de alinea staat in dat document op bytes 81764 tot 82666.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742 | shasum -a 256