Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Onder 1.1.6. Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:369.

Op 3 oktober 2011 heeft de rechtbank te Rotterdam de uitlevering van de opgeëiste persoon aan de V.S. toelaatbaar verklaard . Deze beslissing is op 17 oktober 2011 toegezonden aan de Nederlandse minister van Veiligheid en Justitie. In de begeleidende brief deelde de rechtbank – bij wijze van advies in de zin van art. 30 lid 2 Uw – mee dat haar geen feiten of omstandigheden zijn gebleken op grond waarvan de uitlevering op voorhand zou moeten worden ontraden. Wel gaf de rechtbank de minister in overweging, bij zijn besluitvorming over het uitleveringsverzoek aandacht te besteden aan het verweer van de opgeëiste persoon dat bij uitlevering een met art. 3 EVRM strijdige behandeling zou kunnen plaatsvinden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742, en de alinea staat in dat document op bytes 7311 tot 8104.