Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Onder 2.2. Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:369.

Het folterverbod wordt in het internationale recht beschouwd als dwingend recht ( ius cogens ). Dit brengt mee dat verplichtingen van een verdragsstaat uit het Verdrag tegen foltering voorrang hebben boven verplichtingen uit hoofde van een uitleveringsverdrag . Het folterverbod heeft een absoluut karakter: geen enkele uitzonderlijke omstandigheid, ongeacht of het gaat om een oorlogstoestand, een oorlogsdreiging, binnenlandse politieke onrust of welke andere openbare noodsituatie ook, kan worden aangevoerd als rechtvaardiging voor foltering (art. 2 lid 2 Verdrag tegen foltering).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742, en de alinea staat in dat document op bytes 22035 tot 22729.