Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Onder 2.14. Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:369.

Op deze (binnenlandse) verdeling van bevoegdheid tussen de uitleveringsrechter en de minister heeft de Hoge Raad een uitzondering aangenomen in gevallen waarin blijkt dat de opgeëiste persoon in de verzoekende staat is gefolterd in verband met de zaak waartoe uitlevering is verzocht . In die gevallen laat de uitleveringsrechter de keuze niet aan de minister over, maar beslist de uitleveringsrechter zelf dat de verzochte uitlevering ontoelaatbaar is. Zie HR 15 oktober 1996, NJ 1997/533:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe8dd90fe307147b774c855c4ab75304f98b3213441084decdad37b19126742, en de alinea staat in dat document op bytes 45493 tot 46031.