Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2014
Onder 1.5 Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:372.
De Republiek Gabon is bij dagvaarding van 4 februari 2009 in verzet gekomen tegen het verstekvonnis. Bij vonnis in verzet van 8 december 2010 heeft de rechtbank Amsterdam overwogen dat de Republiek Gabon een verzettermijn heeft van acht weken, dat die termijn op 22 februari 2006 is aangevangen omdat met de hiervoor onder 1.4 genoemde betalingen het verstekvonnis wordt geacht ten uitvoer te zijn gelegd in de zin van art. 144 sub b Rv, en dat het verzet dus niet tijdig is ingesteld (rov. 4.2). De rechtbank heeft verder overwogen dat de Republiek Gabon reeds geruime tijd maar in ieder geval op 16 september 2008, met het in ontvangst nemen van een sommatiebrief van Morning Star van 4 augustus 2008, bekend moet worden geacht met het verstekvonnis en de daaruit voortvloeiende verplichtingen zodat, voor zover sprake zou zijn van een verruimde verzettermijn op grond van art. 6 EVRM, ook deze termijn ruimschoots is overschreden (rov. 4.5 en 4.6). De rechtbank heeft de Republiek Gabon vervolgens niet-ontvankelijk verklaard in haar verzet en haar in de proceskosten veroordeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d114dbb15546865bfb4041c66de9e5bc29607d1516cba7121df1f429674bf656. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d114dbb15546865bfb4041c66de9e5bc29607d1516cba7121df1f429674bf656, en de alinea staat in dat document op bytes 8185 tot 9282.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d114dbb15546865bfb4041c66de9e5bc29607d1516cba7121df1f429674bf656 | shasum -a 256