Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2014
Onder 2.4. Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:378.
Ingevolge art. 261 in verbinding met art. 272-276 Rv geschiedt de oproeping voor de zitting door de griffier bij aangetekende brief, tenzij de rechter anders bepaalt in een algemene of bijzondere instructie aan de griffier. In Bopz-zaken komt het, mede in verband met de beslistermijn, dikwijls voor dat de rechter een andere wijze van oproepen bepaalt . Het is aan de rechter die over de feiten oordeelt, om uit te maken welke wijze van oproeping in het gegeven geval of, bij een algemene instructie, in de gegeven groep gevallen, de voorkeur verdient. In het oordeel van de rechter dat de betrokkene behoorlijk is opgeroepen, ligt in beginsel besloten dat de oproeping heeft plaatsgevonden overeenkomstig art. 272 Rv dan wel overeenkomstig zijn instructie .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44100dcf8e2573a56c76fe8d1f0f43cd1f9612c7242c7504614dd227db8cc300. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44100dcf8e2573a56c76fe8d1f0f43cd1f9612c7242c7504614dd227db8cc300, en de alinea staat in dat document op bytes 9783 tot 10682.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/44100dcf8e2573a56c76fe8d1f0f43cd1f9612c7242c7504614dd227db8cc300 | shasum -a 256