Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 april 2014

Onder 4.20. Parket bij de Hoge Raad 22 april 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 april 2014, ECLI:NL:PHR:2014:382.

Gelet op het vorenoverwogene betreffen de onderhavige naheffingsaanslagen een ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 van het EVRM. Alsdan dient het Hof te beoordelen of en tot welke hoogte de naheffingen passend en geboden zijn, zelfs nu het de Inspecteur is die hoger beroep inzake de beboeting heeft ingesteld en belanghebbende geen incidenteel hoger beroep heeft ingesteld. Immers, bij het antwoord op door de Inspecteur in hoger beroep voorgelegde vraag of, en in hoeverre, boeten in het onderhavige geval passend en geboden zijn brengt het punitieve karakter van de naheffingsaanslagen met zich dat de belastingrechter zich daarover zelfstandig een oordeel moet vormen en daarbij is de wil van belanghebbende niet doorslaggevend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/652a2201f8de4dbd32ae420bbaabacd7863b91be8d659ba06b788cd0193ea2e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 652a2201f8de4dbd32ae420bbaabacd7863b91be8d659ba06b788cd0193ea2e1, en de alinea staat in dat document op bytes 107195 tot 107949.