Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2014
Onder 3.4 Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:441.
In dat laatste ligt besloten dat indien de Ondernemingskamer voor de beoordeling van verzoeken tot wijziging of aanvulling van eerder getroffen onmiddellijke voorzieningen een oordeel dient te geven over het optreden van een door haar benoemde tijdelijk bestuurder of tijdelijk commissaris, zij daarbij een zekere mate van terughoudendheid in acht zal hebben te nemen. De vraag welke mate van terughoudendheid daarbij aangewezen is, valt niet in algemene zin te beantwoorden. Of de handelwijze van de tijdelijke bestuurder of commissaris in een concreet geval aanleiding geeft tot wijziging of aanvulling van eerder getroffen onmiddellijke voorzieningen, zal telkens immers mede afhangen van de andere omstandigheden die de Ondernemingskamer bij de toepassing van art. 2:349a lid 2 BW in aanmerking dient te nemen. Een en ander geldt, mutatis mutandis, eveneens voor de beheerder van aandelen aan wie aandelen bij wijze van voorlopige voorziening ten titel van beheer zijn overgedragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52af6b9d1c3da4282f12e257a6ee8f844d33b38bca09468bfa9d1c28d7c5c75a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52af6b9d1c3da4282f12e257a6ee8f844d33b38bca09468bfa9d1c28d7c5c75a, en de alinea staat in dat document op bytes 25954 tot 26953.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52af6b9d1c3da4282f12e257a6ee8f844d33b38bca09468bfa9d1c28d7c5c75a | shasum -a 256