Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2014
Onder 4.18. Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:471.
Ik kom, alles afwegende, tot de slotsom dat er meer reden is om in art. 11 lid 3 Opiumwet een strafbepalende omstandigheid te zien dan een strafverhogende waarop art. 50 Sr van toepassing is. Dat betekent dat de klacht naar mijn oordeel berust op een onjuiste rechtsopvatting en dus faalt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8a0cc0983a93d5a60038372ba45f3b02853ad774eb6ecd58bf4d2e66bf41f37. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8a0cc0983a93d5a60038372ba45f3b02853ad774eb6ecd58bf4d2e66bf41f37, en de alinea staat in dat document op bytes 33280 tot 33646.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a8a0cc0983a93d5a60038372ba45f3b02853ad774eb6ecd58bf4d2e66bf41f37 | shasum -a 256