Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:478.

3.5. Het verzoek in de appelschriftuur om een tegenonderzoek te gelasten, is niet gelijk te stellen met de opgave van "een getuige/deskundige" als bedoeld in het derde lid van artikel 410 Sv. Als de verdediging ter terechtzitting persisteert, is er sprake van een verzoek aan de rechter om gebruik te maken van de in artikel 315 Sv omschreven bevoegdheid. In de onderhavige zaak heeft de advocaat het verzoek om een tegenonderzoek, zoals neergelegd in appelschriftuur, ter terechtzitting van 27 april 2012 herhaald. Dat betekent dat er sprake is van een verzoek als bedoeld in artikel 315 Sv, dat krachtens artikel 415 Sv ook in hoger beroep van toepassing is. De maatstaf waaraan het hof diende te toetsen is die der noodzakelijkheid. Het hof heeft in zijn tussenarrest het juiste criterium toegepast. Bezien tegen de toelichting die de verdediging op dit verzoek heeft gegeven, waarbij als enige reden voor een contra-expertise in wezen is aangevoerd dat verdachte ontkent de notities te hebben geschreven die in de stofmap "BP" in [medeverdachte 1] administratie zijn aangetroffen, en tegen de achtergrond van het feit dat de verdediging de deskundige Verhulst heeft kunnen ondervragen over de betekenis van de kwalificaties die hij heeft verbonden aan de resultaten van zijn onderzoek, is de beslissing van het hof toereikend gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc8a0ca3e7966d1de1416b984dd7786624ce90a88f64a7919c0c50aee07b08b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc8a0ca3e7966d1de1416b984dd7786624ce90a88f64a7919c0c50aee07b08b4, en de alinea staat in dat document op bytes 10230 tot 11713.