Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2014

Onder 7.3 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:521.

Ambtenaren van de rijksbelastingdienst zijn belast met de opsporing van bij de belastingwet strafbaar gestelde feiten (art. 80(1) AWR). Zij zijn ‘bijzonder opsporings-ambtenaar’ als zij als zodanig zijn beëdigd (art. 142(1) Sv). Niet iedere belastingambtenaar is dus bijzonder opsporingsambtenaar. Art. 2 van het Besluit buitengewoon opsporings-ambtenaar Belastingdienst 2005 wijst de verbalisanten en fraudecoördinatoren in dienst bij de Belastingdienst aan als buitengewoon opsporingsambtenaar. Het Besluit hulpofficieren van justitie Belastingdienst/FIOD 2011 wijst voorts bepaalde opsporingsambtenaren bij de Belastingdienst/FIOD aan als hulpofficier van justitie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a0bf7ad3af074bf6ffc12ea966219f9ac5eb7fbf192290cb853b925e3e60408. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a0bf7ad3af074bf6ffc12ea966219f9ac5eb7fbf192290cb853b925e3e60408, en de alinea staat in dat document op bytes 183748 tot 184436.