Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2014
Onder 13.2 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:521.
Ik meen dat het aanbeveling verdient (zie onderdeel 10, met name 10.19 en 10.20) om bij de fiscale beboeting (die een criminal charge inhoudt) dezelfde onrechtmatigheidscriteria als de strafvorderlijke toe te passen. Het Hof heeft in casu, in afwijking van de strafrechter, met verwijzing naar HR BNB 1992/306 geoordeeld dat het bewijsmateriaal niet jegens de belanghebbende onrechtmatig is verkregen en het gebruik ervan voor de heffing én de beboeting toegelaten. Hoewel belanghebbendes cassatiemiddelen – eveneens uitgaande van HR BNB 1992/306 – er andere argumenten voor aanvoeren, meen ik dat zijn beroep slaagt in zoverre het klaagt dat het Hof niet de juiste maatstaf heeft aangelegd om te beoordelen of het bewijsmateriaal als onrechtmatig verkregen moet worden aangemerkt. Het had bij zijn (on)rechtmatigheidsoordeel de kracht van gewijsde van de strafrechter moeten volgen. Het onrechtmatigheidsoordeel van de strafrechter lijkt ook geenszins onjuist. In de MvT bij de Wet bijzondere opsporingsbevoegdheden heeft de medewetgever uiteengezet dat de rechter die onvoldoende informatie krijgt om de verkrijgingswijze van bewijsmateriaal te kunnen beoordelen, ook aan dat gebrek bewijsuitsluiting of niet-ontvankelijkverklaring kan verbinden als hij de verdediging daardoor onevenredig geschaad acht:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4a0bf7ad3af074bf6ffc12ea966219f9ac5eb7fbf192290cb853b925e3e60408. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4a0bf7ad3af074bf6ffc12ea966219f9ac5eb7fbf192290cb853b925e3e60408, en de alinea staat in dat document op bytes 295413 tot 296900.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4a0bf7ad3af074bf6ffc12ea966219f9ac5eb7fbf192290cb853b925e3e60408 | shasum -a 256