Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014
Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:526.
Ten tweede wordt geklaagd dat ’s hofs oordeel dat het Hoogheemraadschap bij de vaststelling van de nieuwe systematiek (wel) rekening heeft gehouden met de omstandigheid dat de uitgifte ziet op ruwe bouwgrond, niet kan worden gebaseerd op a) het betoog van het Hoogheemraadschap dat het bij de bepaling van de grondquote rekening heeft gehouden met “de grondprijsverhogende effecten van investeringen door opstalhouders” , en (b) het in het RIGO-rapport gehanteerde uitgangspunt dat bij de bepaling van de waarde van de grond de aan “ activiteiten van de projectontwikkelaar en opstalhouder” toe te rekenen waardestijging niet aan het Hoogheemraadschap ten goede moet komen. Volgens SBOH c.s. doelt het RIGO-rapport met de door het hof aangevoerde inspanningen van de opstalhouder niet op het bouwrijp maken van de grond, maar op de investeringen van de opstalhouder "in huis, tuin, bestrating etc." , terwijl het Hoogheemraadschap ook nimmer iets anders heeft gesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb, en de alinea staat in dat document op bytes 63772 tot 64933.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb | shasum -a 256