Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014
Onder 3.61 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:526.
In wezen gaat het hierbij primair om een van meet af aan beoogde geclausuleerde uitgifte van voor het Hoogheemraadschap en zijn publieke taak belangrijke dijkgrond, te weten voor een beperkte termijn en onder de voorwaarde dat het recht, indien het algemeen belang zulks vordert, door de eigenaar kan worden opgezegd als bedoeld in art. 5:87 lid 3, tweede volzin, BW. De grondeigenaar is in beginsel gerechtigd het door hem afgestane recht slechts onder een dergelijke clausulering aan de ander te gunnen. Hiervoor bestaat geen publiekrechtelijk alternatief, althans is dit niet gelegen in de Onteigeningswet. Er is dan ook geen sprake van gebruikmaking van een privaatrechtelijke weg als alternatief voor de gebruikmaking van een publiekrechtelijke weg waarmee een vergelijkbaar resultaat kan worden bewerkstelligd. Naar mijn mening vormt de (her)uitgifte in opstal in die zin dan ook geen onaanvaardbare doorkruising van het publiekrecht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb, en de alinea staat in dat document op bytes 102164 tot 103217.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a4ffca3c86eb288ffd53114249b9ed8f2a14081b00a82aba5c12be10f81646bb | shasum -a 256